God heeft Jezus gezonden om gebroken harten en verslagen geesten te genezen. Waarom juist deze mensen? Jesaja profeteerde er al over.
Een gebroken hart
God geneest de mens, die een gebroken hart heeft.
Hij geneest de gebrokenen van hart,
Hij verbindt hen in hun leed.
(Psalm 147, HSV)
Juist voor die mensen heeft God Jezus gezonden.
God kan namelijk niets met een hoogmoedige geest. Die mens heeft Hem niet nodig. Die mens beseft niet dat er genezing nodig is.
God kan alleen iets met een nederige geest. Een gebroken geest. Een mens die op zoek is naar genezing.
Zo heeft Hij ook mijn hart genezen, toen ik het aan Hem gaf.
Hij heeft Mij gezonden om te genezen wie gebroken van hart zijn
De Geest van de Heere is op Mij, omdat Hij Mij gezalfd heeft;
Hij heeft Mij gezonden om aan armen het Evangelie te verkondigen, om te genezen wie gebroken van hart zijn...
(Lukas 4:18, HSV)
Om levend te maken het hart van de verbrijzelden
Jesaja profeteerde al over Jezus. Lees maar.
Want zo zegt de Hoge en Verhevene, Die in de eeuwigheid woont en Wiens Naam heilig is:
Ik woon in de hoge hemel en in het heilige, en bij de verbrijzelde en nederige van geest,
om levend te maken de geest van de nederigen,
en om levend te maken het hart van de verbrijzelden.
(Jesaja 57:15, HSV)
Een gebroken geest is een offer voor God
Het klinkt misschien vreemd, maar het is dus juist nodig om een gebroken hart te hebben.
Het is een offer voor God, om ons te laten breken, zodat Hij het weer heel kan maken.
De offers voor God zijn een gebroken geest; een verbrijzeld en verslagen hart zult U, o God, niet verachten.
(Psalm 51:19, HSV)
Door Zijn striemen bent u genezen
Jezus heeft al onze zonden gedragen aan het kruis, zodat wij een levend hart zouden krijgen.
Door ons te bekeren tot Hem, hoeven we niet meer te dwalen. Te zoeken naar genezing.
Door Zijn striemen wordt ons hart genezen.
Die Zelf onze zonden in Zijn lichaam gedragen heeft op het hout, opdat wij, voor de zonden dood, voor de gerechtigheid zouden leven.
Door Zijn striemen bent u genezen.
Want u was als dwalende schapen; maar u bent nu bekeerd tot de Herder en Opziener van uw zielen.
(1 Petrus 2:24-25, HSV)
Reactie plaatsen
Reacties